OPROEP: meld klachten trage afwikkeling door Defensie

Ik roep veteranen met PTSS op om hun ervaringen met Defensie bij mij te melden. Het gaat om klachten over de wijze en snelheid waarmee door Defensie met PTSS, en de afwikkeling daarvan, omgaat. Ook veteranen waarbij de afwikkeling van claims inmiddels is afgerond worden opgeroepen om hun ervaringen te melden. Deze meldingen ga ik bundelen en versturen naar de Nationale Ombudsman.

De afgelopen vijf jaar kreeg de ombudsman veel klachten van veteranen over de ellenlange procedures en na de bekendmaking van het onderzoek meldden zich er nog eens twintig. De veteranen vertelden hem dat ‘van enige zorg of hulp geen sprake is’, maakten melding van ‘tegenwerking door Defensie’ of zeiden ‘na twaalf jaar strijden helemaal op’ te zijn.

“We kregen tegenstrijdige verhalen”, zegt Van Zutphen. “De veteranen zeggen: het duurt veel te lang en Defensie begrijpt ons niet. Defensie zegt soms de indruk te hebben dat de veteranen het onderste uit de kan willen. Bij zo’n opmerking denk ik dan al snel: Dat is ook terecht, want die mensen is iets ernstigs overkomen in dienst van het vaderland, dus die mogen ook het onderste uit de kan.”

In een reactie stelt Defensie maar een handjevol klachten van veteranen te hebben gekregen over de trage afhandeling van schadeclaims. “Het beeld is dat Defensie mensen in de kou laat staan, maar dat is niet zo”, aldus een woordvoerder. “Vertragingen komen onder andere vaak doordat keuringsartsen schaars zijn, maar vorig jaar zijn er nieuwe keuringsartsen bijgekomen. Als er vertraging zit bij de afhandeling van de schadeclaims of de keuringen dan moeten we dat oplossen. We zijn dan ook benieuwd naar de aanbevelingen van de ombudsman.”

 

KLACHTEN BUNDELEN: SAMEN STAAN WE STERKER!

Samen staan we sterker dan alleen. Daarom roep ik veteranen met PTSS op om hun ervaringen bij mij te melden. Ik zal die ervaringen bundelen en bij de Nationale Ombudsman indienen. Op deze manier is de Nationale Ombudsman niet afhankelijk van de voorstelling van zaken die Defensie geeft en is de kans groter dat Defensie gedwongen wordt om zaken te veranderen.

De Nationale Ombudsman is een onderzoek naar Defensie gestart naar aanleiding van een aantal klachten. Door Defensie wordt de indruk gewekt dat het slechts om incidenten gaat. Dit beeld heb ik niet. Het lijkt er volgens mij meer op dat het eerder regel is dan uitzondering dat veteranen met PTSS uiteindelijk moegestreden worden door de traagheid en bureaucratische houding van Defensie. In dagblad Trouw zei ik daarover: “Het gaat om rechtszekerheid. Deze zaken moeten sneller afgekaart worden, anders wordt het onmenselijk. Dan blijven deze veteranen veel te lang in onzekerheid over hun toekomst en dat sloopt hen. De manier waarop Defensie nu met hen omgaat vind ik stuitend. Er gaan echt levens naar de knoppen.”

U kunt uw ervaringen sturen naar: traag@oneerlijk-ontslag.nl.

 

ZO MELDT U KLACHTEN

Veteranen met PTSS worden opgeroepen om hun ervaringen met Defensie bij mij te melden. Dat kan via e-mail. Ik zal de berichten gebundeld doorsturen naar de Nationale Ombudsman en deze verzoeken om klachten mee te nemen in het onderzoek dat in het najaar wordt gepresenteerd. Eventueel zal ik verzoeken naar aanleiding van de klachten een separaat onderzoek in te stellen.

U doet een melding bij mij door een e-mail te sturen naar traag@oneerlijk-ontslag.nl

Vermeld in uw e-mail in ieder geval de volgende informatie:

  1. uw naam en contactgegevens;
  2. omschrijf uw situatie kort (bijvoorbeeld: in 2016 is bij mij PTSS gediagnosticeerd);
  3. beschrijf uw ervaringen kort en gebruik een “tijdlijn”;
  4. geef aan welke procedures u heeft doorlopen en welke nog lopen (geef daarbij ook aan welke keuringen u heeft ondergaan);
  5. mocht u opmerkingen hebben, dan zijn deze ook welkom.

Ik wil de wijze waarop Defensie omgaat met PTSS veranderen en heb daarvoor uw hulp nodig: samen staan we sterker!

Traumatisch ten onder in de Defensie-bureaucratie

Getraumatiseerde veteranen moeten vaak vele jaren wachten voordat hun schadeclaims zijn afgehandeld door het ministerie van defensie. De Nationale Ombudsman wil nu de onderste steen boven.

Quarree (55) ging twee keer op missie, in 2011 naar Afghanistan en in 2015 naar Mali. “In Afghanistan heb ik waarschijnlijk al PTSS opgelopen. Ik was gestationeerd op de luchtmachtbasis in Kandahar, waar ik vooral moest patrouilleren. Het was heftig daar. In de vier maanden dat ik er zat waren er rond de zestig raketaanvallen. Eentje plofte op 150 meter van mij neer.”

“Pas na mijn uitzending naar Mali in 2015 merkte ik dat het mis was”, zegt Quarree, die korporaal der eerste klasse-reservist was bij de luchtmacht en van beroep activiteitenbegeleider. “Ik kon de draad niet meer oppakken en raakte de weg compleet kwijt. Ik kreeg dissociaties, hoorde soms raketten op me afkomen en dook dan weg onder het bed. Mijn vrouw zei: ‘Wat doe jij nou?’”

Haastklus liep mis

Ook beroepsmilitair Mark Huijbregts (40), eerste luitenant bij de landmacht, maakte een traumatische gebeurtenis mee. Eind 2015 tijdens een uitzending naar Noord-Irak werd hij met enkele maten opgepakt door Koerdische strijders, toen ze voor een haastklus even buiten de basis waren. Ze werden onder schot gehouden, weggevoerd en meer dan zes uur gevangengezet. Uiteindelijk liep het goed af, maar de bedreigende gijzelingssituatie veranderde zijn leven ingrijpend.

De ervaring bleek zo traumatisch dat die hem PTSS opleverde, al realiseerde Huijbregts zich dat later pas. “Ik kreeg nachtmerries, ging steeds meer drinken om mezelf te verdoven en heb meer dan een jaar lopen aanklooien. Ik wist niet wat er aan de hand was. Na de missie was er geen leidinggevende die vroeg hoe het met me ging, ook al wisten ze allemaal wat er was gebeurd. Ik voelde me heel erg alleen staan”, vertelt hij. “De arts van Defensie dacht eerst dat ik een burn-out had. Ik ben twee jaar bezig geweest voordat ik de diagnose PTSS kreeg.”

Huijbregts en Quarree maken deel uit van een aanzienlijke groep veteranen die gezondheidsklachten heeft overgehouden aan hun missie. Het ministerie van defensie heeft voor hen een bijzondere zorgplicht die verankerd ligt in de Veteranenwet. Het heeft een uitgebreid zorgnetwerk ingericht, maar met name bij PTSS’ers kan de erkenning voor hun medische toestand en de behandeling vele jaren duren. Als zij eenmaal uitbehandeld zijn en hun zogeheten medische eindtoestand is vastgesteld door een keuringsarts, kan de afhandeling van verzoeken om schadevergoeding of een invaliditeitspensioen vaak opnieuw jaren duren door bureaucratische procedures en juridische strijd.

‘Helemaal op’ na twaalf jaar strijden

De Nationale Ombudsman Reinier van Zutphen, tevens Veteranenombudsman, begon onlangs een eigen onderzoek naar de lange duur van de behandeling van letselschadeclaims door Defensie. De afgelopen vijf jaar kreeg de ombudsman veel klachten van veteranen over de ellenlange procedures, en na de bekendmaking van het onderzoek meldden zich er nog eens twintig. De veteranen vertelden hem dat ‘van enige zorg of hulp geen sprake is’, maakten melding van ‘tegenwerking door Defensie’ of zeiden ‘na twaalf jaar strijden helemaal op’ te zijn.

“We kregen tegenstrijdige verhalen”, zegt Van Zutphen. “De veteranen zeggen: het duurt veel te lang en Defensie begrijpt ons niet. Defensie zegt soms de indruk te hebben dat de veteranen het onderste uit de kan willen. Bij zo’n opmerking denk ik dan al snel: Dat is ook terecht, want die mensen is iets ernstigs overkomen in dienst van het vaderland, dus die mogen ook het onderste uit de kan.”

Ongeveer 10 procent van de circa 110.000 Nederlandse veteranen geeft aan dat zij psychische klachten hebben gekregen door hun missie, blijkt uit onderzoek van het ministerie van defensie. Zo’n 5 procent heeft PTSS-klachten die deels goed behandelbaar zijn, en ongeveer 1 à 2 procent houdt blijvende klachten. Bij Defensie zijn de afgelopen zes jaar bijna 600 schadeclaims ingediend, waarvan een kleine 160 zijn afgehandeld en er nog 430 in behandeling zijn.

‘Te weinig keuringsartsen’

In een reactie stelt Defensie maar een handjevol klachten van veteranen te hebben gekregen over de trage afhandeling van schadeclaims. “Het beeld is dat Defensie mensen in de kou laat staan, maar dat is niet zo”, aldus een woordvoerder. “Vertragingen komen onder andere vaak doordat keuringsartsen schaars zijn, maar vorig jaar zijn er nieuwe keuringsartsen bijgekomen. Als er vertraging zit bij de afhandeling van de schadeclaims of de keuringen dan moeten we dat oplossen. We zijn dan ook benieuwd naar de aanbevelingen van de ombudsman.”

Voor zijn onderzoek stuurde de ombudsman twee weken geleden een brief met een waslijst aan vragen aan minister van defensie Ank Bijleveld, waar hij voor 18 mei antwoord op wil. Na de zomer volgt dan een ronde tafelgesprek met alle betrokken partijen over oplossingen. Kort daarop komt de ombudsman met zijn eindrapport en aanbevelingen.

Jurist Ferre van de Nadort heeft jarenlange ervaring met letselschadeclaims bij Defensie. Hij staat ruim honderd veteranen met PTSS bij in hun juridische strijd tegen het ministerie, onder wie Huijbregts en Quarree.

“Defensie heeft een heel ingewikkeld bureaucratisch systeem opgetuigd, waarin alles op papier goed geregeld lijkt maar waar in de praktijk veel hindernissen zijn voor deze veteranen”, aldus Van de Nadort. “Het kan jaren duren voordat ze de juiste behandeling krijgen. Maar ook het vaststellen van het dienstverband en de medische eindtoestand neemt  jaren in beslag. Over een medische keuring mag Defensie 180 dagen doen, maar in de praktijk kan dat wel een jaar worden. En dan krijg je een verslag van twintig pagina’s vol met fouten.”

Tijd rekken

Veteranen als Quarree en Huijbregts zeggen dat hun PTSS-klachten zijn verergerd doordat de medische afhandeling van hun zaak al jaren duurt, iets wat ze ook van andere veteranen horen. Veel veteranen met PTSS denken dat het ministerie tijd rekt in de hoop dat hun gezondheid in de loop der jaren door behandelingen verbetert, zodat er minder schadevergoeding of pensioen hoeft te worden uitgekeerd. Maar volgens Van de Nadort gaat het juist vaak slechter met hen vanwege de lange, stroperige procedures.

“Deze jongens zijn uiterst kwetsbaar. Mensen met PTSS hebben geen zelfredzaamheid meer”, zegt Van de Nadort. “Het gaat om rechtszekerheid. Deze zaken moeten sneller afgekaart worden, anders wordt het onmenselijk. Dan blijven deze veteranen veel te lang in onzekerheid over hun toekomst en dat sloopt hen. De manier waarop Defensie nu met hen omgaat vind ik stuitend. Er gaan echt levens naar de knoppen.”

“Ik heb alle behandelingen gehad, maar ik ben er slechter aan toe dan daarvoor”, zegt Huijbregts. “Je zit volle bak met stress door de onzekerheid, omdat het allemaal zo lang duurt en ik een gezin heb te onderhouden.” Hij zit thuis vaak boven in z’n eentje op een kamer, omdat hij beneden bij zijn vrouw en kinderen te veel prikkels krijgt. “Mijn huwelijk is een paar keer bijna geëindigd in een scheiding. Mijn vrouw is ook al eens een paar maanden met de kinderen het huis uit gegaan. Bij haar was er meer begrip geweest als het bij Defensie sneller was gegaan.”

Huijbregts is arbeidsongeschikt verklaard, maar zijn medische eindtoestand is nog niet vastgesteld. Hij belt regelmatig met Defensie over de voortgang, maar krijgt meestal nul op het rekest. “Je moet zelf overal achteraan. Als je dan belt waarom het zo bizar lang duurt, hoor je vaak: Jouw zaak ligt op de stapel, je moet geduld hebben.”

Hij heeft inmiddels een aanvraag ingediend voor een hulphond. “Die voelt aan wanneer bij mij de spanning oploopt en haalt me hopelijk uit deze nachtmerrie. Ik wil alleen maar rust, mijn leven weer oppakken en er zijn voor mijn gezin.”

Ruzie om niks

Bij Sietse Quarree is de medische eindtoestand inmiddels wel vastgesteld, zodat hij nu een claim kan indienen. Door zijn PTSS kreeg hij last van woedeaanvallen en zocht regelmatig ruzie buiten de deur, vaak om niets. “Ik had een verrekt kort lontje”, zegt hij met een schuldbewuste blik richting zijn vrouw Ellen.

Het hele gezin is erdoor ontwricht, vertelt zij. “Sietse is net een kookwekker. Het ene moment is hij in een goede bui, maar dat kan door de kleinste dingen omslaan en dan wil je niet weten wat hij me allemaal toewenst. Het is moeilijk leven met hem. Hij heeft totaal geen zelfreflectie meer.” Quarree knikt: “Het is heftig voor iedereen om me heen. Ik heb nu medicatie, daarmee kan ik me wat beter staande houden.”

Er wordt heel snel gegrepen naar regels, wetten en juristen, zegt Veteranenombudsman Van Zutphen. Hij denkt dat Defensie de veteranen met PTSS met meer vertrouwen en minder wantrouwen tegemoet zou moeten treden.

“Mijn pleidooi straks aan de ronde tafel zal zeker ook zijn: we moeten hele goede procedures hebben als we gaan juridiseren. Op het departement zou de mentaliteit moeten zijn dat men deze veteranen ruimhartig, vlot en met begrip ondersteunt. Eerst samen de oplossing creëren en als dat echt niet lukt dan hebben we wetboeken, rechters en juristen, maar laten we het alsjeblieft niet zover laten komen.”

Lees ook:

Unifil-veteranen keren terug naar Libanon: ‘We waren veel te jong’

Het is dit jaar veertig jaar geleden dat de eerste Nederlandse militairen naar Zuid-Libanon gingen voor de Unifil-vredesmissie, die voor velen levensbepalend is geweest. Veteranen reizen terug naar de dorpjes en bases in Libanon uit nieuwsgierigheid en om van onverwerkte trauma’s af te komen.

Ik wilde niet meer alleen met mijn vader zijn

Trauma’s waar veteranen na hun uitzending naar conflictgebieden nog mee worstelen, komen ter sprake op Veteranendag. De problemen waar familieleden mee te maken krijgen, blijven vaak onbelicht. Kinderen van veteranen zoeken steun bij elkaar. ‘We proberen het doorgeven van trauma’s naar een volgende generatie te stoppen.’

(PSYCHISCH) LETSEL op het WERK


Weten wat onze specialisten in uw zaak kunnen betekenen?

Leg uw zaak aan ons voor en wij vertellen u wat wij voor u kunnen doen. Het eerste consult is gratis en vrijblijvend, zo weet u waar u aan toe bent en zit u nergens aan vast!

Lees meer…

OPROEP: meld klachten trage afwikkeling door Defensie

Ik roep veteranen met PTSS op om hun ervaringen met Defensie bij mij te melden. Het gaat om klachten over de wijze en snelheid waarmee door Defensie met PTSS, en de afwikkeling daarvan, omgaat. Ook ve...

Traumatisch ten onder in de Defensie-bureaucratie

TROUW, door: Gert Jan Rohmensen Getraumatiseerde veteranen moeten vaak vele jaren wachten voordat hun schadeclaims zijn afgehandeld door het ministerie van defensie. De Nationale Ombudsman wi...

Een maatje te klein voor hulp van Defensie

Over twee cliënten morgen in NRC: „Kutreservist. Wannabe. Eng mannetje. Mafkees.” Zomaar een selectie uit de verwensingen die Jeroen, Sietse en Noud in 2011 in Afghanistan naar hun hoofd gesling...

 

Veteranenombudsman start onderzoek behandelingsduur letselschadeclaims door Defensie

Veteranen die door uitzending blijvend letsel (lichamelijke en/of psychische klachten) hebben opgelopen en als gevolg daarvan geconfronteerd worden met onverwachte kosten en gemiste inkomsten (schade), kunnen een letselschadeclaim indienen bij Defensie. Volgens klachten en signalen van veteranen handelt het ministerie echter onvoldoende voortvarend en traineert de procedure soms zelfs bewust door bijvoorbeeld steeds opnieuw te vragen om aanvullende informatie of door de zaak stil te laten liggen. Veteranen geven aan dat een (te) lange behandelingsduur van hun claim de behandeling en het herstel van hun (veelal PTSS-) klachten ernstig kan verstoren.

Reinier van Zutphen: “ik hoor van veteranen dat zij het mentaal maar ook lichamelijk niet meer aankunnen om constant een strijd te moeten leveren die eigenlijk helemaal niet nodig is. Ze voelen zich in de steek gelaten. Terwijl Defensie een bijzondere zorgplicht heeft. Voor mij reden om een onderzoek te starten naar de behandelingsduur van letselschadeclaims door het ministerie van Defensie.”

Knelpunten in kaart

De voortgang van de behandeling van een claim lijkt vast te kunnen lopen. De partijen die bij deze procedures betrokken zijn, wijzen desgevraagd vooral naar elkaar als het gaat om de oorzaken van opgelopen vertraging. De eigen rol en verantwoordelijkheid daarin wordt niet of nauwelijks benoemd. Met het onderzoek wil de ombudsman duidelijkheid scheppen over wat de gebruikelijke stappen in de procedure zijn, mogelijke knelpunten in de procedure aan het licht brengen, vaststellen wat ieders aandeel en verantwoordelijkheid daarin is (zowel van de kant van Defensie, als van de veteraan en/of diens belangenbehartiger) en – bij voorkeur gezamenlijk – mogelijke verbeterpunten aandragen. Aan de minister is een aantal vragen voorgelegd. De ombudsman vraagt om een reactie binnen vier weken.

Rondetafelgesprek

Naast gesprekken met het ministerie, belangenbehartigers en het Veteraneninstituut, organiseert de Veteranenombudsman na de zomer een rondetafelgesprek met betrokkenen om gezamenlijk vast te stellen welke knelpunten er zijn en om oplossingsrichtingen te verkennen.

PTSS

Politieman Marcel (35) hield posttraumatische-stressstoornis over aan dramatische incidenten met kinderen

Dagblad van het Noorden – De 35-jarige agent Marcel Jansen heeft al talloze traumabehandelingen achter de rug. Tot nu toe heeft niets geholpen. Sinds een maand ondergaat hij de zogeheten 3MDR-therapie bij Traumacentrum GGZ Drenthe.

,,Eerlijk gezegd, merk ik helaas nog geen verbeteringen, maar misschien komt dat nog”, zegt de agent met complexe PTSS. Sinds vier jaar zit hij ziek thuis, over anderhalve maand wordt hij definitief ontslagen door de politie. Marcel heeft dan achttien jaar bij de politie gewerkt. ,,Ik heb altijd bij de politie in Rotterdam gezeten en was ingezet in een van de moeilijkste wijken.” Tegenwoordig wonen hij en zijn gezin in Drenthe.

Dode kinderen

Ongeveer acht jaar geleden kreeg Marcel voor het eerst last van PTSS-klachten, zoals angst- en paniekaanvallen. ,,Ik had in een jaar tijd tijdens mijn werk twee dode kinderen gehad en een kindje dat het net had overleefd en zwaar gewond was. Een jochie was doodgereden, zijn moeder was een collega van mij die naast mij stond, een meisje was onder de trein gesprongen en een ander kind was op school bij gym bij een ongeluk door een stuk staal doorboord.

Geluk dat je dit kunt navertellen

In datzelfde jaar was ik ingezet tijdens de finale van de KNVB-beker in Rotterdam. Ik kwam toen alleen te staan tegenover een grote groep hooligans die mij belaagden. Toen we achteraf daar op terugkeken, werd gezegd: het is meer geluk dan wijsheid dat je het kunt navertellen.”

Als agent in Rotterdam was hij veel heftige incidenten gewend. ,,Ik heb veel gruwelijkere doden gezien dan in dat jaar, maar het greep me nooit heel erg aan. Dat waren geen kinderen. Vaak ging het om criminelen. Daar heb je verder niet zo’n emotionele band mee. Toen het gebeurde met een van die kinderen waren heel veel collega’s van slag en in tranen. Ik had dat op dat moment niet. Maar een paar jaar later kreeg ik er last van.”

Ik durfde niet meer naar buiten

Marcel voelde zich niet meer veilig op straat. ,,In die wijk waar ik werkte, was een groot deel van de mensen tegen de politie. Ook op het bureau voelde ik me niet meer veilig. De klachten werden steeds erger. Het begon met dat ik dacht: ik heb liever geen nachtdiensten meer. Ik ben gevraagd voor een rustiger team. Dat bleef zo een tijdje doorgaan. De klachten bleven toenemen. Ik durfde niet meer naar buiten. Ik durfde niet in de metro. Ik sliep helemaal niet meer. Op straat werken, ging echt niet meer. Elke keer als ik naar buiten ging, kreeg ik een paniekaanval. Het was soms zelfs zo erg met mij dat mensen een ambulance belde. Mijn remmingen gingen weg. Ik kan zo ontploffen. En ben soms heel prikkelbaar.”

Defensie wist in 2008 al van grote gezondheidsrisico’s burnpits voor militairen, maar bleef ermee doorgaan

Bron: EenVandaag

De gezondheidsrisico’s van werken met burnpits werden in 2008 al in kaart gebracht in een rapport van het ministerie van Defensie. Hoewel de gevaren duidelijk omschreven staan, werd nog jaren met deze burnpits gewerkt.

Vele honderden militairen hebben gezondheidsklachten opgelopen toen zij op uitzending waren in onder andere Afghanistan. Daar kwam men in aanraking met de rook van een burnpit, een afvalverbrandingsput. Uit een rapport uit 2008, in handen van EenVandaag, blijkt dat de risico’s toen al bekend waren.

Deken van rook

In het tot nu toe geheime document is te lezen wat de gevaren zijn van deze grote hopen smeulend afval. “De combinatie van fijnstof en daar aangebonden PAK’s en zware metalen leveren een belangrijk gezondheidsrisico op. De blootstelling aan deze emissie vindt dagelijks plaats, waarbij er ’s avonds vaak een deken van rook over het kamp ligt. Dit wordt door het personeel als hinderlijk ervaren waarbij zelfs de ventilatie in de slaapcontainers wordt uitgeschakeld.”

De militairen die klachten hebben opgelopen zijn op missie geweest in Afghanistan, Irak en voormalig Joegoslavië. Omdat afval binnen de hekken van het kamp verwerkt moest worden en speciale ovens daarvoor niet altijd beschikbaar waren, werd het vaak in een grote kuil in brand gestoken, een zogenaamde burnpit. Het rapport uit 2008 heeft de afvalstroom binnen Kamp Holland in Afghanistan onderzocht.

 

Ruim 700 meldingen bij meldpunt

Tijdens dit onderzoek is een aantal risico’s in kaart gebracht. “Belangrijke conclusie uit diverse rapportages en uitgevoerde documentstudie is dat de emissie die vrijkomt bij verbranding bestaat uit grote hoeveelheden stofdeeltjes die schadelijk zijn voor de gezondheid en het milieu.” Maar ondanks deze conclusie zijn militairen nog jaren blootgesteld aan de rook die vrijkomt bij de burnpit.

Jurist Ferre van de Nadort staat militairen bij die gezondheidsklachten hebben na dit soort militaire missies. Inmiddels staat de teller op ruim 700 meldingen bij het, door hem opgerichte, meldpunt. “Dit rapport is vertrouwelijk, met als doel om dit kennelijk binnen de organisatie te houden. In dit rapport staat heel erg duidelijk hoe gevaarlijk de burnpits waren”, vertelt de jurist.

Rapport

De gezondheidsrisico’s van werken met burnpits werden al in 2008 al in kaart gebracht in een rapport van het ministerie van Defensie.

Defensie was zich zelf ook bewust van de gevaren

De opstellers van dit rapport, Defensie zelf, schrijft ook dat er politieke risico’s kleven aan deze manier van afvalverwerking. Zo is te lezen dat de openbaring waarin de afvalwerking zich afspeelt, in het zicht van bezoekers en pers, een ‘aanmerkelijk risico’ opleveren, waarbij er duidelijke nadelige gevolgen kunnen ontstaan voor de ‘operationele taakstelling en de beeldvorming van de Defensie organisatie’.

Van de Nadort vindt dat het ministerie van Defensie deze documenten al lang met de Tweede Kamer had moeten delen. “Het is duidelijk een heel alarmerend document. Wat men lijkt te doen is dat informatie die niet goed uitkomt geheim wordt gehouden.”

‘We zijn niet geïnformeerd’

D66-Kamerlid Salima Belhaj zegt dat ze de minister van Defensie gaat bevragen. “Ik wil weten of zij zelf wist over dit plan van aanpak. Het blijkt een rapport uit 2008 te zijn en dat vind ik bijzonder, omdat wij tot op heden niet zijn geïnformeerd. De gezondheidsrisico’s staan in hele heldere taal geformuleerd en dan denk ik wel: als je het al in 2008 wist, waarom is er tot op heden niks gebeurd om te voorkomen dat mensen mogelijkerwijs ziek worden?”

“Het is een beetje akelig om te zeggen, maar soms heb ik het gevoel dat we een debat voeren in de Tweede Kamer en dat mensen denken: ‘als ik niet alles zeg, zal het meevallen’. Maar bij deze nogmaals: het niet vertellen over wat er allemaal ligt en wat je allemaal wist is vele malen erger.”

1 2 3 37